Een martini is een klassieke cocktail op basis van gin en vermouth, traditioneel geserveerd met een groene olijf als garnering. Zoals bij zoveel iconische cocktails ligt de precieze oorsprong in nevelen gehuld.
De prehistorie: de Martinez
De directe voorloper van de martini is vrijwel zeker de Martinez cocktail, die al in de jaren 1860 populair was aan de westkust van de Verenigde Staten (Californië). Volgens een legende werd deze cocktail verzonnen in het Occidental Hotel, gevestigd te San Francisco, waar bartender Jerry Thomas werkte. Hij serveerde als eerste een mix van (zoete) vermouth, Old Tom gin, maraschino-likeur, bitters en ijs — en noemde het naar de bestemming van de veerboot: Martinez, een stadje aan de overkant van de baai.
De eerste gedrukte vermelding van de Martinez verschijnt al in 1884 (O.H. Byron), maar de meest bekende beschrijving staat in de 1887-editie van Jerry Thomas' Bartender's Guide: 'How to Mix All Kinds of Plain and Fancy Drinks'.
Een artikel in de Washington Herald van 1891 claimt dat de cocktail gemaakt dient te worden met 'the Martini vermuth' [inclusief typefout]. Een vermouth is een versterkte wijn met een alcoholpercentage van circa 15%, op smaak gebracht met aromatische planten en kruiden, waaronder absintalsem (Artemisia absinthium), een plant die in het Duits Wermut, in het Engels wormwood en in het Middelnederlands wermoed genoemd werd. Hetzelfde kruid geeft de bittere smaak aan absint. Er bestaan wat varianten vermouth, maar voor de martini wordt traditioneel de Martini Extra Dry gebruikt.
Van Martinez naar Martini
Tussen 1880 en 1900 duiken er geleidelijk cocktails op met de naam 'Martini' (soms nog met zoete vermouth, soms al droger). De naamswijziging heeft waarschijnlijk meerdere oorzaken, zoals de fonetische gelijkenis tussen Martinez en Martini, het enorme succes van het Italiaanse vermouthmerk Martini & Rossi (opgericht in 1863 in Turijn als Martini, Sola & Cia), waarvan vooral de zoete variant al snel werd geïmporteerd in de Verenigde Staten, alsmede het feit dat vanaf circa 1900 ook hun Extra Dry vermouth, die de droge martini mogelijk maakte.
De evolutie naar de droge martini
Rond 1922 krijgt de martini min of meer zijn klassieke vorm: gin plus droge vermouth (oorspronkelijk vaak 2:1), geroerd (niet geschud) met ijs, gezeefd in een gekoeld glas, met optioneel een scheutje orange bitters en een olijf of citroenschil. In de jaren 1930 daalt de verhouding gin:vermouth al naar 3:1 of 4:1. Na de Tweede Wereldoorlog wordt de dry martini dominant: 5:1, 6:1, en soms nog droger ("just wave the vermouth bottle over the glass").
Vandaag de dag varieert de ideale ratio enorm per smaak — van vintage 50:50 tot ultradry 10:1 of meer. Kortom: de martini is geen uitvinding, maar een evolutie — van zoete Martinez naar iconische droge klassieker.

No comments:
Post a Comment